Ik ben er nog lang niet
Was aan het knippen. Ik noem het al niet meer mijn tuin. Dus ik was aan het knippen in de tuin. De heg, dacht ik, vindt dat wel goed. Al jaren ben ik de kapper van de goeiige altijd groene laurier die het terrein zichtdicht beschermt. Het terrein, dus niet, mijn terrein. Zover ben ik al in mijn bewustwording gevorderd. De kapper van de laurier ben ik, ik maak het haar nog dikker en dichter. Ik denk dat zij een zij is, omdat ze houdt van mijn getut met haar, maar misschien moet ik nog voorzichtiger zijn. Niet haar maar hen. Nog wat haartjes hier en wat haartjes daar. Het is verslavend werk. Even nog die stugge dikke vlecht aanpakken.
De pijn neemt al af. De fysieke dan, bij de bulten op mijn hoofd en handen. De knauw zit in mijn bewustwordingsproces. Dat is net als bij breien, er vallen altijd steken, het kan lang duren voordat de trui af is. Misschien wel nooit. Ik heb de bijen wel mijn excuses aangeboden.

