Tonen 1 resultaat (s)

Een gesprek

Of ik niet strijdmoe ben vraag je, moeheid, ik heb dat woord weleens gehoord maar nee mijn adem blijft toch wel gaan als maar heen en weer net zoals mijn spraak, soms in rustige rimpels soms in koppig schuimende krullen omdat andere planeten wat harder of zachter aan me trekken
ik ken wel wanhoop en die wanhoop doet mij schreeuwen, krijsen en ik ben daarin niet alleen, de bergketens en oerwouden doen mee, we krijsen tot we spugen, branden, vallen of onze tranen overstromen maar ze horen niets die domoren waar je vraag over gaat, die soort die jouw maaltijd voor je wegkaapt met hun grommende gulzige machines, de invasieve homo ignorants die niet luistert want ze kunnen horen en staan graag op mijn flanken te dansen en te lachen om mijn gefluister, geprevel en zelfs mijn gekrijs -verstaan zijn ze verleerd maar er zijn ook homo sapiens die ons wel verstaan doch de ignorants bestempelt hen als primitief of gestoord en om die domheid schudden wij bergen bossen en wateren soms onze rotsen, takken en druppels en net als jij lijd ook ik honger, voel me uitgeput want mijn lijf leeft niet op plastic, petroleum en prullaria, heeft trek in kelp, plankton, vissen en de triljarden levensvormen die ook jij en alle andere wezens in en op zich hebben om te kunnen leven zelfs die invasieven zitten vol kleine beestjes zoals bacteriën, maar zij vinden dat een vies idee daar kunnen ze niks mee, ik weet niet precies wat er in jouw binnenste zit maar denk behalve bacteriën, virussen en schimmels ook wat van mijn vis dat gun ik je, jij neemt alleen wat je nodig hebt om te leven en aan je kuikens te geven

en weet je, ik ben gek op de geweldige gesprekken die we af en toe hebben, waardoor ik jou steeds beter snap ook al ben jij zwart en ik niet, ik vind je lief, ooit was hier het paradijs waarin iedereen met elkaar sprak maar soms overkomt ons iets zoals die meteoriet die zich 66 miljoen jaar geleden boven op ons wierp, dat was een onwijze aanslag voor Aarde haar evenwicht was daarna lang naar de maan
zo een beproeving sist en borrelt nu opnieuw dichtbij, de echte knal moet nog komen maar nadert exponentieel sneller door de groei van wat die invasieve soort de ‘wereldbevolking’ noemt. Dat woord zegt genoeg toch, ze horen ons niet en ze zien ons dus evenmin, niet huilen alsjeblieft ach je lacht ze uit, prachtig, veilige vlucht zwarte zee-eend, kijk uit voor de windmolens, spreek je weer.